Bedenkingen, mijmeringen, oprispingen.

vrijdag 13 januari 2012

EEN AMATEURISTISCH EN INFERIEUR FANZINE


Toen ik op 21 december 2011 een mail ontving van het Toneelfonds J. Janssens welke mij uitnodigde voor de proclamatie van de 1ste John Vermeulen Prijskamp voor het korte spannende verhaal per donderdag 12 januari 2012, was dat het eerste wat ik over deze prijskamp (prijsvraag zou beter zijn geweest) hoorde. De prijsvraag was uitgeschreven door ‘Serial Thriller: Tijdschrift voor misdaadliteratuur’ (zo staat het inderdaad op het omslag, binnenin staat dan weer voor en over) . Wat al wijst op de slordigheid die er wordt gehanteerd bij deze fanzine, want meer kun je dit ‘tijdschrift’ niet noemen, en de connotatie inferieur en amateuristisch is hier dan ook van toepassing. Een periodiek dus, maar nergens is de frequentie waarmee het verschijnt vermeld. Verschijnt het dus wanneer er genoeg geld in kas is om de drukker te betalen? Nu is het een publiek geheim dat de hoofdredactie in handen is van Danny De Laet en dat het daarom niet wordt vermeld, want hij heeft zich in de loop der jaren zoveel vijanden gemaakt dat niemand hem nog serieus neemt als mens. Over zijn teksten is de algemene opinie iets welwillender. Danny heeft heel wat scheldnamen klaar voor zijn vakbroeders en andere mensen, waaruit hun domheid moet blijken en zijn superioriteit: klootzak, stomme trut, stuk onbenul zijn er enkele van. Ik kon hem nog omzeilen bij het binnenkomen – ik behoor ook tot een categorie maar ik weet er de naam niet van, maar zal hem wel vernemen na publicatie van dit stuk - maar Mieke de Loof, bekroond met de Hercule Poirotprijs en de Diamanten Kogel, ligt bij Danny De Laet blijkbaar in het vakje domme trutten, want zo begroette hij haar en verdween dan van de scène zonder boe nog ba, zijn redactieleden aan hun lot overlatend, die zich later op de avond allemaal bij de aanwezigen gingen verontschuldigen voor het verdwijnen van hun Grote Leider. Een van lafheid getuigende daad, want hij durfde (en kon) zich blijkbaar niet verantwoorden voor de verschrikkelijk negatieve besprekingen die hij uit rancune aan haar had gewijd. (Uitleg zou ons te ver leiden). Nu het opgekomen publiek bekijken: Mieke de Loof dus en echtgenoot René, twee prijswinnaars, een vertegenwoordigde prijswinnaar, vijf of zes redactieleden (over enkele verder iets meer), Frank Van Dijck die een verhaal inzond en schrijver Paul Jacobs (die veel te laat kwam), iedereen al dan niet in gezelschap. Erg magertjes dus, maar begrijpelijk als niemand er ook maar iets van weet. Daarnaast waren er ook nog enkele mensen die gekomen waren voor de werkelijke held van de avond: John Vermeulen, waarvan twee nieuwe boeken te koop werden aangeboden – postuum omdat hij ongeneeslijk ziek en consequent tot het einde in 2009 uit het leven stapte. De thriller, die het begin van een nieuwe serie had moeten worden, ‘Kolonels en diamanten’ en het autobiografisch geïnspireerd verhaal ‘Homo Solus’.
De zichzelf thrillerauteur noemende Hubert Van Lier nam dan maar de honneurs waar om te wijzen op de nieuwe titels en de winnaars van de prijsvraag bekend te maken. (Vermits er geen persmap was blijf ik je de namen schuldig). Naast hem stond redactielid Dirk Biddeloo enkel te glimlachen en de prijzen uit te reiken, hij is auteur van enkele mislukte romans waar hij van beweert dat ze ironisch zijn. De prijzen waren drie zakken met boeken, thrillers en misdaadromans uiteraard. Vervolgens ging een ander redactielid rond met de drankjes: Willy Van Damme, gepensioneerd historicus en auteur van het mooi uitgegeven ‘Het geheim van Plantyn’ waar ik hier niets over ga zeggen, zoek dat zelf maar uit.
Ik denk dat dit de 1ste en laatste John Vermeulen Prijs is geweest en ik ben er niet rouwig om, de Serial Thriller is Johns naam niet waardig.

2 opmerkingen:

  1. Je weet natuurlijk dat iedere criticus schrijft zoals hij gebekt is, maar in het vervolg zal ik toch tweemaal nadenken als ik een kritiek van ddl lees, want ik vond hem soms echt te villain, maar nu ken ik de reden, niet het geschrevene telt, maar zijn Hitleriaanse gedrag.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Hoi, ik ken Walter A.P. Soethoudt niet, maar moet hem in grote lijnen gelijk geven. En dat is jammer, vermits ik de winnaar ben van de eerste (en inderdaad wellicht laatste) John Vermeulenprijskamp.
    De 8,2 kg. thrillers staan nu in mijn kast, en een paar zullen ook wel gelezen worden (maar zeker niet "Dodelijke paringsdans" of "Niemand is veilig", er zijn grenzen !).
    Ik heb twee edities van hun tijdschrift meegenomen en die zijn inderdaad bijzonder slordig, om niet te zeggen onleesbaar.
    Wat Soethoudt vertelt over DDL klopt volkomen, en ik vind dat die Hubert Van Lier dat nogal elegant heeft opgelost.
    Deze hele historie heeft voor mij twee positieve kanten: 1) mijn ego is gestreeld want ik had nog nooit eerder non-fictie geschreven en win nu plotseling een prijs. 2) ik wist niets over John Vermeulen maar heb nu het vaste voornemen zijn boeken te lezen.
    Groeten,
    Jo Van Herck

    BeantwoordenVerwijderen