Bedenkingen, mijmeringen, oprispingen.

maandag 28 mei 2018

SHAMUS AWARDS NOMINEES



Best Original Private Eye Paperback 

Play a Cold Hand by Terence Faherty

"This fifth novel in the Scott Elliott mystery series, by Shamus-winning and Edgar-nominated Faherty, is another engaging, well plotted recreation of Hollywood movie culture... his very likeable P.I. knows Hollywood and Los Angeles history—and many of its secrets—very well. For movie fans especially, this mystery is a winner."
Deadly Pleasures Magazine



The Strange Disappearance of a Bollywood Star by Vaseem Khan

In the third delightful Baby Ganesh Agency novel, Inspector Chopra investigates the darkly glittering underbelly of Bollywood when a film star vanishes into thin air…



Dames Fight Harder by M. Ruth Myers

Murder at a construction site draws Ohio private investigator Maggie Sullivan into a case that makes cops mistrust her and friends doubt her. The suspect, Rachel Minsky, is Maggie’s closest friend – and all signs point to Rachel’s guilt.



The Painted Gun by Bradley Spinelli

"With a plot that winds up like a Swiss watch and then explodes like an RPG, Bradley Spinelli's The Painted Gun pays off in every way a reader of
noir fiction wants it to, and provides a lovely bonus--some of the most sure-footed tough guy prose I've seen since Hammett and Chandler walked those mean streets.



Lights Out Summer by Rich Zahradnik

In the midst of the chaos, a suspect in Taylor's story goes missing. Desperate, he races to a confrontation that will either break the story--or Taylor.
Book 4 in the Coleridge Taylor Mystery series.

Best First Private Eye Novel

Under Water by Casey Barrett

"Here be the beginnings of a superb series. A novel that sparkles with wit, sass, and wonderful narrative style. Charles Willeford is rarely mentioned much these days yet his Hoke Moseley series is among the true classics of the genre. Casey is the rightful heir." — Ken Bruen, author of the Jack Taylor series



A Negro and an Ofay by Danny Gardner

“Fans of Walter Mosley and George Pelecanos are going to devour Danny Gardner’s brilliant new book. A Negro and an Ofay breathes exciting new life into noir fiction.” Jonathan Maberry



Gone to Dust by Matt Goldman

At the start of Emmy Award–winning TV writer and playwright Goldman’s well-paced, humorous fiction debut, the police call Minneapolis-based PI Nils “Shap” Shapiro to a crime scene at the home of divorcée Maggie Somerville in Edina, Minn.



August Snow by Stephen Mack Jones

“Strong prose and a hero with a distinctive multicultural background (August is half African-American, half Mexican)... Convincing smartass dialogue brings the Detroit denizens of poet and playwright Jones's first novel to life.”



The Last Place You Look by Kristen Lepionka

Sarah Cook, a beautiful blonde teenager disappeared fifteen years ago, the same night her parents were brutally murdered in their suburban Ohio home. Her boyfriend Brad Stockton - black and from the wrong side of the tracks - was convicted of the murders and sits on death row, though he always maintained his innocence. With his execution only weeks away, his devoted sister…



Best Private Eye Novel 

Dark Water by Parker Bilal

A thriller about a Makana, a private investigator with a complicated past who is drawn into doing a job for the British government and quickly the job becomes infinitely more complex, layered and more personal than Makana ever though it would. (Titels van Bilal verschenen bij De Geus)



Blood Truth by Matt Coyle

A hard-boiled PI novel for fans of Raymond Chandler, Ross MacDonald and Dashiell Hammett. From Anthony Award Winning and best-selling author Matt Coyle, the fourth in the Rick Cahill series.



Y is for Yesterday by Sue Grafton

The darkest and most disturbing case report from the files of Kinsey Millhone, Y is for Yesterday begins in 1979, when four teenage boys from an elite private school sexually assault a fourteen-year-old classmate—and film the attack. Not long after, the tape goes missing and the suspected thief, a fellow classmate, is murdered. (Sue Grafton verschijnt bij Boekerij)



The Room of White Fire by T. Jefferson Parker

A young soldier shattered by war, on the run from a mental institute. A P.I. carrying his own vicious wounds hired to track that soldier down. A race against the clock to bring the soldier home before he reveals the secret that haunts him. (Tot 2012 verscheen Parker bij De Arbeiderspers/Bruna)



Monument Road by Michael Wiley

Leonard Self has spent a year unwinding his ranch, paying down debts, and fending off the darkening. Just one thing left: taking his wife's ashes to her favorite overlook, where he plans to step off the cliff with her into a stark and beautiful landscape. But Leonard finds he has company on a route that intertwines old wounds and new insights that make him question whether…

zondag 27 mei 2018

DE FIETSERSBOND EN ZO,,,


De fietsersbond is er uiteraard voor de fietsers. De fietsersbond verdedigt de fietsers tegen van alles en nog wat. De fietsersbond eist een veilige plek voor fietsers in het verkeer op. De fietsersbond hier, de fietsersbond daar. Maar wie heeft het over de voetgangers? De fietsers zijn in vele gevallen cowboys en velen van hen komen er dikwijls niet vanaf zonder schrammen of builen, die ze meestal aan zichzelf te danken hebben. De fietsers, sommigen ervan behoren tot de eco-fascisten met hun triporteurs en andere kinderbakken, vegen in veel gevallen hunne frak aan alle verbodstekens en smekende vragen zoals: Zet uw fiets a.u.b. achteraan in de fietsenstalling. Ja, mijn oor... ga maar eens kijken bij de ingang van de supermarkt die al zijn waren uit Nederland laat komen, die gelegen is aan de offerandestraat, daar vegen de fietsers en hun bond hun gat aan de voetgangers en wanneer je er een opmerking durft over te maken, reageren ze net als honden-uitlaters die de stront van hun hond laten liggen waar hij ligt.
Yes I am a grumpy old man!

zaterdag 26 mei 2018

DANICA PATRICK




Zoals dat al decennia het geval is, wordt (omstreeks) het weekend van Monaco ook de Indy 500 verreden. In de jaren 60 en 70 beïnvloedde dat vaak het deelnemersveld van Monaco. Jim Clark en Colin Chapman kozen stelselmatig voor de dollars van Indianapolis. Ze hadden al sinds 1963 begrepen dat een succesrijke Indy 500 meer opleverde dan een wereldtitel in de F1. Zo was dat in die dagen. F1 was nog bijlange niet de obscene vetpot die het tegenwoordig is.

Ook Amerikaanse F1-coureurs als Dan Gurney, Masten Gregory, Peter Revson en Mark Donohue gingen logischerwijs voor de 500. Jack Brabham, Graham Hill, Jackie Stewart, Denny Hulme en Jochen Rindt waren andere F1-sterren die geregeld de oversteek maakten. Vandaag de dag gebeurt dat nog slechts zelden. De financiële drijfveer is weggevallen. Er zit even veel, of meer, geld in de F1 dan in IndyCar. Toen de dubbele wereldkampioen Fernando Alonso vorig jaar besloot om de Indy 500 eens uit te proberen, was dat meteen wereldnieuws. Toegegeven: een scheet in een fles is tegenwoordig ook al wereldnieuws maar toch. Publiciteitsgewijs voer de Indy 500 trouwens wel met Fernando. "Allons-y, Alonso" zou de tiende Doctor gezegd hebben...

Dit jaar zal de race het buiten het wereldje van de intimi, van de petrolheads, vooral moeten hebben van de deelname van Danica Patrick. Ze neemt afscheid van de racerij door een laatste keer deel te nemen aan de race die haar in 2005 in een flits wereldberoemd maakte. 250.000 toeschouwers braken toen juichend de banken af toen de rookie, het wicht van 50 kilo droog aan de haak, voorbij Dan Wheldon slipstreamde, de leiding nam en op tien ronden van het einde al het mansvolk in de touwen had… Gebrek aan ervaring kostte haar toen de zege, maar ze was op enkele minuten tijd een household name geworden. Kranten, tijdschriften en talkshows konden niet genoeg krijgen van de 23-jarige pixie met haar frank blad. Voor de eerste keer in meer dan twintig jaar stond er nog eens een IndyCar-coureur op de cover van Sports Illustrated. Meisjes en vrouwen die eerder nooit hadden omgekeken naar de autoracerij, werden fans. Op haar dooie eentje had Danica IndyCar weer op de kaart gezet. 

Uiteraard duurde het niet lang of jaloezie stak haar afzichtelijke kop op. De Indy 500 van 2005 was een toevalstreffer geweest, klonk het. Veel had Danica er ondertussen niet meer van gebakken! En wat waren al die fotoreportages in badpak…? Danica was een aardig snuitje maar geen racer, no siree! Toen ze in 2008 in Motegi de Japan 300 won, orakelden de critici dat ze de race slechts had gewonnen door een betere pitstrategie en doordat Roger Penske zijn coureur Helio Castroneves had opgedragen om te vertragen zodat Danica kon winnen… The Captain die een race weggeeft?!  Hahaha! Ga weg... Het enige wat de "kenners" met deze uitspraak bewezen, was dat ze er absoluut niks van kenden. De waarheid is dat haar zege in Japan niet eens in de top 10 van haar beste prestaties staat. 

In 2007, op de Texas Motor Speedway, de meest angstaanjagende oval  sinds Langhorne, vocht ze voor de eerste plaats met Tony Kanaan, Ryan Briscoe en Sam Hornish en eindigde derde. In 2009 startte ze als tiende en eindigde derde in de Indy 500 achter Helio Castroneves en Dan Wheldon, maar voor Scott Dixon, Will Power en (drievoudig winnaar) Dario Franchitti. Op de aartsmoeilijke Milwaukee Mile oval eindigde ze twee keer vierde en één keer vijfde. Op zeven starts in Indianapolis eindigde ze derde, vierde, zesde en twee keer achtste. En dat is op 33 deelnemers, niet 22 zoals in de F1. Weinigen kunnen een dergelijke erelijst voorleggen.

Danica verdient haar plaats in de geschiedenis van IndyCar ruimschoots. Waarschijnlijk zullen pers en publiek pas goed beseffen wat ze betekend heeft als ze er niet meer bij is. Het is een bekend verschijnsel. Maar geen nood: ze zullen snel een nieuwe kop van jut vinden om in al hun wijsheid onder het maaiveld te schoffelen.

Zondag start ze als zevende, aan de binnenkant van de derde rij. 

Alles is mogelijk.

vrijdag 25 mei 2018

LEFT BIKE



This bicycle was left behind in the mid-1950s by a local resident who simply abandoned it. Interestingly, “the tree that ate a bicycle” on Washington’s Vashon Island has even inspired a Berkeley Breadthed’s 1994 book, Red Ranger Came Calling.

donderdag 24 mei 2018

MONACO: GRAND PRIX



Dit weekend wordt de Grand Prix van Monaco F1 gereden op het stratencircuit dat nauwelijks veranderd is sinds 1929. De eerste Grand Prix F1 werd er verreden in 1950. In zijn beginjaren werd Monaco "de race van de duizend bochten" genoemd: tien bochten per ronde; honderd ronden. De race van 1950 duurde drie uur en een kwartier. De winnaar was Juan Manuel Fangio.

Zestig jaar geleden, in 1958 (foto 1), werd de race gewonnen door Maurice Trintignant aan het stuur van Rob Walker's Cooper-Climax, de eerste F1-auto met de motor achterin. Tijdens de oorlog had Trintignant zijn Bugatti in een schuur verborgen gehouden voor de bezetter. De oorlog was nauwelijks afgelopen of hij schreef de auto in voor één van de eerste races na de bevrijding, de "Coupe de la Libération". Hij moest opgeven met een verstopte brandstoffilter. Bleek dat de filter tijdens de oorlogsjaren verstopt was geraakt door rattenkeuteltjes. Wat Maurice voor de rest van zijn leven de weinig benijdenswaardige bijnaam "le pétoulet" opleverde. De race van 1958 duurde twee uur en 52 minuten.

Maurice Bienvenue Jean Paul Trintignant was wijnboer in en burgemeester van Vergèze in de Languedoc. Hij was de oom van acteur Jean-Louis Trintignant. Hij overleed in 2005.

In 1968 (foto 2) won Graham Hill de race voor de vierde keer. Hij reed met de sensationele Lotus 49. Hill had ook de vorige Grand Prix (die van Spanje) gewonnen en zou dat jaar voor de tweede keer wereldkampioen worden. 

Na het fatale ongeval van Lorenzo Bandini in de race van 1967 -een ongeval dat werd toegeschreven aan vermoeidheid van de coureur- werd de race ingekort tot 80 ronden. Graham deed er net twee uur over. In 1969 won hij de race opnieuw, voor de vijfde en laatste keer. 

In 1975 slaagde Graham er niet in zich te kwalificeren voor "zijn" race. Het was voor hem het signaal om er definitief mee te stoppen. 

Op 29 november van dat jaar verongelukte hij in een vliegtuigcrash.

Monaco 1978 (foto 3) zag de eerste Grand Prix overwinning van de goedlachse kleine Franse kettingroker Patrick Depailler met zijn Tyrrell. Op het erepodium met het prinsenpaar Rainier en Grace, sigaret in de mondhoek, kreeg Patrick een microfoon onder zijn neus geduwd door een tv-mensje dat hem opgewonden vroeg of dit niet "the greatest moment" in zijn leven was. "Oh nooo", grinnikte Depailler in zijn beste Engels, "Zet vas ze birth of my son". 

Hij kwam om het leven tijdens de trainingen voor de Duitse Grand Prix van 1980.


donderdag 17 mei 2018

PERCENTAGES ZEGGEN SOMS VEEL


Gisteren kon je met een evenementenbiljet naar Brussel treinen om daar de betoging te zien. Ik weet niet of er inderdaad 55.000 aanwezigen waren, maar wat zou je zeggen als je wist dat het om 1,375% ging van de werkende bevolking (die ik schat op 4 miljoen). Verder redenerend kom je tot de vaststelling dat het om 0,484225% gaat van de gehele bevolking (11.358.357 wordt er gezegd). We moeten ook eens praten over de samenstelling van die 55.000 deelnemers: hoeveel vakbondsafgevaardigden, hoeveel werknemers van de verschillende bonden waren erbij? Hoeveel van hen hebben al eens buiten de grenzen gekeken en gezien dat ook daar de riem moet worden aangetrokken? Als je die vakbonden hun wil laat doen, eindigen we misschien zoals Italië, waar er sprake is van opnieuw een eigen munt te installeren (een cryptomunt!), een munt die je dus niet ziet.
Niet dat ik het beter zou wensen, maar ik doe gewoon verder met het minimum gezinspensioen en hoop dat het beter zal worden. Mijn vrouw en ik proberen dat wat aan te vullen met legaal werk.
Maar wat te denken over het feit wat dit allemaal weer heeft gekost, we hebben er zelfs geen benul van, van de hoge kost van de twee stakingsdagen bij  Brussels Airlines (wat een pretentie!) weten we het, we hadden hiervan iedere Belg één € opslag van zijn pensioen kunnen geven.

dinsdag 15 mei 2018

NOG EEN WAARHEID



EEN WAARHEID



MAIL VERZONDEN AAN GEERT BOURGEOIS


Geachte

Als u mijnheer Geert Bourgeois nog uit je nek blijft kletsen nu je een krans hebt neergelegd in het mausoleum voor de massamoordenaar Arafat, met woorden als: ‘het geweld van het Israëlitische leger is buiten proporties’ moet ik tot mijn spijt mijn pas verworven lidmaatschap van de partij opzeggen. Er heerst al antisemitisme genoeg, dat het niet moet worden aangewakkerd met zulke tendentieuze onzin. Om zelf even tendentieus te zijn: Vandaag willen die lui uit Gaza hun manifestaties verder zetten, maar misschien weet jij niet dat elke deelnemer 100 Amerikaanse dollars krijgt en diegenen die niet goedschiks willen gaan worden dan ook nog bedreigd. Neen, mijnheer Bourgeois, neen…
Dat geld mijnheer Bourgeois wordt gegeven door de Belgische en Vlaamse regering voor zogenaamde ontwikkeling, wel als dit ontwikkeling is dan ben ik de heilige Drievuldigheid. Trump had een reden om geen geld meer te geven, waarom geld geven als ze er je vlag mee verbranden. Die arme Palestijnen toch, waar halen ze al die autobanden die ze zo graag verbranden vandaan, kopen ze die ook, of zijn die speciaal voor deze gelegenheden ingevoerd?

Beleefde groeten

Walter A.P. Soethoudt

zondag 13 mei 2018

75 JAAR GELEDEN



In 1940 begonnen Duitse soldaten Poolse Joden te verhuizen naar het getto van Warschau, waar ze ongeveer een half miljoen Joden bijeenbrachten in de oude Joodse stadswijk. Deze wijk werd omringd met een drie meter hoge muur die bekroond werd met prikkeldraad. Eenmaal kwamen de Joden in opstand. Het gevecht begon op 19 april 1943.


2018 ANTHONY AWARDS NOMINEES ANNOUNCED


zaterdag 12 mei 2018

RESPECT


Foto: Walter A.P. Soethoudt
Op donderdag is er huisvuilophaling in onze buurt. Dan zijn de Offerandestraat en Lange Beeldekensstraat aan de beurt. Behalve als het één maal per jaar Hemelvaartsdag is. Op Hemelvaartsdag zet men dus geen huisvuil buiten. Ja Moe, vertel dat eens aan al die multiculturelen, die vegen daar hunne frak aan, want hun godsdienst is die van verre landen en de hier heersende godsdienst kan volgens hen dan ook de pot op. Volgens mij gaat dat in de richting van gebrek aan respect. Dit is al jaren aan de gang, maar niemand doet er wat aan, behalve - misschien worden ze door de multiculturelen en hun vriendjes wel onverlaten genoemd - enkele onbekenden die de fik staken in een aantal van die zakken huiselijke en zakelijke afval. Ik keek er zelfs met een beetje leedvermaak naar. Wees nu eens eerlijk, moeten al diegenen die hun vuil buitenzetten op een dag dat er geen huisvuilophaling is, niet als sluikstorters worden beschouwd? En die brandjes dan zal je zeggen? Wel, waar die brandjes hebben gewoed kan men de sluikstorters aanpakken als uitlokkers (wat in een auto strafbaar is als je waardevolle dingen laat liggen) en moet de politie optreden.
In ieder geval hoop ik dat Hemelvaartsdag 2019 een propere dag wordt.

dinsdag 8 mei 2018

1938 IT WAS A VERY GOOD YEAR



De schelmse snaak Tom Sawyer  doet onwillekeurig denken aan de “Witte", er zit ook een beetje “Ciske de rat” in, soms ook “Pietje Bell” en ja, zelfs “Dik Trom”.
Tom heeft een levendige fantasie en die zet hij dikwijls om in kattenkwaad. Tom woont bij zijn tante Polly in St. Petersburg en heeft een halfbroer met de naam Sid. Zijn beste vriend is Huckleberry Finn, Huck voor de vrienden, en die is de zoon van een steeds dronken heerschap.
Tom raakt betrokken in een ruzie waarbij er klappen vallen en als straf moet hij de volgende zaterdag het hek schilderen. Maar Tom is niet op zijn hoofd gevallen en met zijn charme heeft hij al snel enkele andere kinderen overgehaald om de klus voor hem op te knappen. 

Tom wordt op slag verliefd op Becky Thatcher, een meisje dat net in de stad kwam wonen. Maar als die ontdekt dat hij voordien al een meisje had, Amy Lawrence, ziet ze Tom niet meer staan.
Wanneer de twee onafscheidelijke vrienden, Tom en Huck, op een avond naar het kerkhof gaan omdat daar een medicijn tegen wratten geoogst zou kunnen worden, zijn ze getuige van de moord op Dr. Robinson door Injun Joe. Tom en Huck zweren elkaar dit nooit aan iemand te vertellen, omdat Joe nu eenmaal geen simpele is. Injun slaagt er echter in dat om alles in de richting van Muff Potter te doen wijzen en die wordt beschuldigd van de moord. Toms schuldgevoel groeit zienderogen.
Tom, Huck en hun avontuurlijke vriend, Joe Harper, besluiten om weg te lopen en zich op de piraterij te werpen. Maar hen komt hun ter ore dat de mensen in St. Petersburg denken dat het drietal verdronken is. Ze besluiten naar hun eigen begrafenis te gaan en het wordt een succes, want alle kinderen van het dorp zien hen als helden, zelfs Becky.
Wanneer Muff Potter voor de rechter staat, breekt Tom zijn eed en getuigt tegen Injun Joe. Joe ontsnapt echter en is onvindbaar.
Wanneer de zomer in het land komt besluiten Tom en Huck op zoek te gaan naar een schat die verborgen zou zijn in een huis waar het spookt. Van dit bijgeloof heeft Injun Joe gebruik gemaakt: het huis dient hem en zijn ‘vrienden’, als schuilplaats. Als ze echter ontdekken dat niet iedereen bang is om het huis te betreden gaan ze hun buit elders onderbrengen.
Huck staat op wacht voor het huis en hij begint Injun Joe te schaduwen, in een poging om het goud van hem af te pakken. Vooraleer hij echter tot actie kan overgaan hoort hij Joe en enkele andere boeven plannen smeden om de weduwe Douglas wat lichter te maken. Huck heeft net de tijd om haar te waarschuwen.
En dan op een dag zonderen Tom en Becky zich iets teveel af, en samen verdwalen ze in een grot. Laat dat nu de grot zijn die Injun Joe als schuilplaats gebruikt. Tom en Becky vinden de weg terug en waarschuwen de politie, die de grot hermetisch afsluit. Joe heeft de keuze tussen zich overgeven of verhongeren.
Dan vinden de jongens de goudschat van Injun Joe, en omdat er geen wettige eigenaar is, zijn Tom en Huck plotseling erg rijk.

Dit verhaal vraagt om verfilming en er zijn inderdaad nogal wat versies.
Tom Sawyer (1907), Tom Sawyer (1917), een Hongaarse versie in 1920, Tom Sawyer (1930), een versie uit de Sovjet Unie uit 1973,Tom Sawyer (1973), een Tsjechische versie uit 1976, de animatiefilm The Adventures of Tom Sawyer (1986), Tom and Huck (1995), Tom Sawyer (2011), een Duitse versie in 2012 en diverse tv-series en verschillende tv-films.
Maar het is Norman Taurog die tachtig jaar geleden, in 1938, alle voordien gemaakte en alle latere versies van The Adventures of Tom Sawyer in de schaduw zet. Taurog had kindsterretje Jackie Cooper al voor de camera gehaald in Skippy (1931), film waarin Skippy, de schalkse zoon van een rijke dokter, een ontmoeting heeft met Sooky uit de armenbuurt, en samen met hem zal hij proberen Sooky’s lievelingshond uit de handen van de hondenvanger te houden. Ook in 1938 leverde Taurog een meesterwerk af met Boys Town − met Spencer Tracy (Oscar voor best actor) en de toen achttienjarige Mickey Rooney − en werd genomineerd voor best director. Vanaf 1960 zal Taurog, die dan 61 jaar is, de jongerencultus rond Elvis achtereenvolgens met G.I. Blues (1960), Blue Hawaii (1961), Girls! Girls! Girls!(1962), Tickle Me (1965), Double Trouble (1967) en Speedway (1968) op peil houden.

THE ADVENTURES OF TOM SAWYER (1938)
REGIE: Norman Taurog
SCENARIO: John W.A. Weaver naar het boek van Mark Twain
MET: Tom Kelly, Jackie Moran, Ann Gillis, May Robson, Walter Brennan, Victor Jory, David Holt

Niet alles liep van een leien dakje met deze The Adventures Of Tom Sawyer. David O. Selznick, die sinds enkele jaren hoofd was van zijn eigen productie-eenheid onder de M.G.M. banier, − hij was vice-president van M.G.M. en overgekomen van R.K.O.− moest in maart 1937 Taurog alvast laten beginnen in zwart-wit, omdat nu eenmaal geen bevoegd personeel gevonden kon worden om in kleur te draaien, want dat was al geboekt voor andere opdrachten. Dan was er het feit dat de oorspronkelijke regisseur H.C. Potter, die tot dan toe zegge en schrijve twee films op zijn credit had (later zou hij het GENIALE Hellzapoppin’ (1941) maken) er de brui aan gaf nadat de productie voor de tweede keer werd stilgelegd en omdat hij alle bemoeiingen van grote baas Selznick ("Selznickian interference”) moe was als koude pap. Opnamen in zwart-wit gingen door tot juni, maar toen kwam er plots een unit kleurenkenners vrij, zodat het geheel moest worden overgedaan in kleur… Gevolg was dat Selznick de kans zag om enkele veranderingen aan te brengen in de cast. Wie wel geselecteerd bleef was Tommy Kelly (een piepjonge Montgomery Clift zou auditie doen voor deze rol, maar zijn acne was zo schrikwekkend dat het niet doorging). Kelly was een niet professionele-acteur, maar de zoon van een brandweerman uit de Bronx die zonder werk zat. De twaalfjarige kreeg een weekloon van honderd dollar (vandaag zou dat ± 1700 $ zijn) en zijn pa kreeg een baan als bewaker van het Selznick-International gebouwencomplex. Hoewel men van de basisidee was uitgegaan dat alle kinderen uit een weeshuis zouden worden gehaald (so as to arouse such a warm public feeling that it would add enormously to the gross of the picture volgens Selznick), stapte  diezelfde Selznick af van dat idee en werd het alleen Kelly als niet-professioneel, voor de rest werden profs aangezocht. En iedereen knikte instemmend, Selznick mocht je niet tegenspreken. Scenarioschrijver Ben Hecht werd er bijgeroepen om het bestaande scenario wat bij te werken, terwijl George Cukor (die al onder Selznick werkte bij R.K.O.) ook geholpen zou hebben bij de regie van enkele scènes, vooral die delen die zich in de school en op het pirateneiland afspelen. Pas dan verscheen regisseur Norman Taurog op het toneel omdat hij dus wist met kinderen om te gaan.
Maar uiteindelijk kwam de film er en er werden vooraf vertoningen georganiseerd waar kinderen en hun moeder op werden uitgenodigd.
Maar de moeders bleken niet erg gelukkig omdat hun angstige kinderen blijkbaar wel erg onder de indruk waren van de intense spanning die soms werd opgeroepen. Er kwamen twee draaidagen bij en die werden dan weer geregisseerd door William Wellman. Alles moest klaar zijn om de film in februari 1938 in de zalen te brengen. In België kwam hij op 16 december 1938 in Brussel uit, in Antwerpen werd het 20 januari 1939.
De film is om te beginnen van historische waarde. Kinderen krijgen nu en dan wel eens een tik tegen het hoofd, een knip tegen het oor, en soms zelfs van de zweep van onbuigzaam notenhout. De volwassenen hebben blijkbaar geen enkele empathie en bij hen ontbreekt ook alle humor. (Toen ik dertien jaar was, dat was dus 1952, kreeg ik een pandoering van een leraar die me tot op de dag van vandaag in het geheugen blijft. Om maar niet te spreken over een non, zuster Klara, die me op zesjarige leeftijd in een donkere, muffe kelder opsloot!)
Als ik dus een film zou maken, zouden deze twee voorvallen er waarschijnlijk in worden opgenomen, en dat is wat Taurog vermoedelijk ook heeft gedaan, alleen moet hij heel wat meer afkeer van de school hebben gehad dan ik en dus meer van het zweepje gekregen hebben.
Net als de schrijver Twain zet Taurog authentieke negentiende-eeuwse personages neer. Tom Sawyer krijgt herhaaldelijk slaag en dat was niet om te lachen. Er wordt niet rond de pot gedraaid: de volwassenen van die dagen waren wreed tegenover kinderen.
De boef Injun Joe kan bogen op het feit dat hij waarschijnlijk de meest angstwekkende misdadiger van alle films uit de jaren dertig is, en in de die periode werden er heel wat noir films gemaakt. Zijn gezicht straalt geen enkele menselijkheid uit. Nemen we dan de achtervolging in de grot van Tom en Becky door Injun, dan zitten we naar een horrorfilm te kijken die ook vandaag nog schrikwekkend is. Eigenlijk laat het geheel een huiveringwekkend gevoel achter, en het kerkhof, de grotten en zelfs de schoolklas dragen tot de sfeer bij.
En toch vormt de humor in The Adventures Of Tom Sawyer het perfecte tegengewicht voor de horror.

© Walter A.P. Soethoudt




zaterdag 5 mei 2018

NIET IN MIJN NAAM!


Vandaag bracht de Vlaamse minister-president Geert Bourgeois de traditionele groet aan het mausoleum van de historische Palestijnse leider Yasser Arafat  en legde daar een krans neer in naam van het Vlaamse volk. Niet in mijn naam dus.

woensdag 2 mei 2018

HOOKER


HOOKER... meaning "prostitute" often is traced to the disreputable morals of the Army of the Potomac (American Civil War) under the tenure of Gen. "Fighting Joe" Hooker, and the word might have been popularized by this association at that time (though evidence is wanting).
In zijn magistrale 'The Civil War - a narrative' legt historicus Shelby Foote (1916-2005) het ontstaan van het woord, of liever, het gebruik van het woord in die betekenis, fair and square bij de gebruiken in het hoofdkwartier van Joseph Hooker, voor een korte periode opperbevelhebber van het Army of the Potomac (het grootste en belangrijkste Noordelijke leger tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog). Die gebruiken omvatten veel alcohol (zoals Ulysses S. Grant was ook Hooker een notoir alcoholicus), gokken en dames van lichte zeden.