
Zondagmiddag 16 mei, een bleek zonnetje verschijnt op aanvraag van Antwerps stadsdichter Peter Holvoet-Hanssen. Hij heeft eerder zijn piratenvlaggen opgehangen, want iedereen moet weten dat hij de stad heeft gekaapt. In tegenstelling tot Luther tapete hij zijn affiche aan de kathedraaldeur. Op volkse en humoristische wijze stelt hij zijn tweede stadsgedicht voor. Tegelijkertijd zal het weerklinken in Lillo en Doel, aan de Boerentoren en in de Vredestraat in Berchem, in de groene long het Ter Rivierenhof.
Om twee uur speelt de beiaard het lied, vervolgens een poging tot een gemeenschappelijk zingen, maar blijkbaar zijn er maar enkelen die moedig genoeg zijn om hun stem te verheffen, tja ze zouden je wel eens op het stadhuis kunnen horen, nietwaar? Dan heffen de koperblazers het lied aan en iedereen luistert, zelfs Holvoet houdt voor even zijn mond. Het kathedraalkoor, in pas gewassen en gestreken witte kleding, brengt eindelijk een prachtige versie van het Torenlied. Enkelingen mompelen het mee, maar even later is het alsof het zangfeest pas begint, want iedereen blijkt eindelijk de wijs en de tekst samen te kunnen brengen, hoewel het DING DONG DING TING LING LING KLING KLANG refreintje het best wordt meegezongen.
TORENLIED
(intro – alle torens)
een vierde toren wordt geboren
in het stof van wel en niet
memorietoren heb je oren
zie dat reuzegom verschiet
laat de kleur van de klokken klinken
laat de zon op kasseien blinken
laat de geur van de Schelde strelen
de wind in de stegen spelen
(4 x) ding dong ding ting ling ling kling klang
onze stad ziet de bomen verdrinken
wil haar wortels van steen niet verminken
maar vandaag klinkt uit vele kelen
gaan samen de koeken delen
(4 x) ding dong ding ting ling ling kling klang
schiet een doel soms een dok te ver
sta dan stil bij een klare ster
kinderkopjes wil rollebollen
de tijd blijft maar verder hollen
(3 x – crescendo)
ding dong ding tingelingelingeling klinklang lang
dingedongding tingelangelangeling klangeling ling
klang ling ling klangelingelangelang klankling ling tangelingting klingetingelingeling klingelang lang
langelingling langelangelangeling langeling lingelang
Peter Holvoet-HanssenEindelijk een stadsdichter die in tegenstelling tot de vorigen, Bart Moeyaert, Tom Lannoye, Ramses Nasr, Joke van Leeuwen, genoeg ballen heeft om de stedelijke overheden te bekritiseren. Durfden de vorige stadsdichters de stad en zijn stedelingen niet tegen de haren inwrijven, Holvoet neemt geen blad voor de mond. Hij neemt het op voor Lillo, voor het Noordkasteel, gaat in dialoog met de stadsdichter van Lillo (Schiet een Doel soms een dok te ver), spreekt zich uit tegen de Lange Wapperbrug, doet een bedekte oproep om het stadspark niet onder het beton te begraven (Onze stad ziet de bomen verdrinken) en geeft zijn naamgenote met 1 s, de kans om een oproep te doen om het Steen te behouden als museum en er geen Disneyachtige speelplaats van te maken.
De enkele honderden die waren gekomen om naar een dichter te luisteren kunnen het verder vertellen, er is een stadsdichter aan de macht die een luis is in de pels van de stedelijke overheid. Eindelijk!