Poëzie promoten en populariseren via een literair tijdschrift, dat was meer dan een kwarteeuw geleden het plan van Willy Tibergien. Sinds 1976 stuurt het Poëziecentrum om de twee maanden een Poëziekrant de wereld in.Toen Willy mij in die dagen, tijdens een gesprek in VECU, zei dat het aantal abonnees gestadig toenam, zei ik hem dat hij zich niet te veel illusies moest maken en vroeg hem om te zien of er tussen die abonnees namen voorkwamen van mensen die hij NIET kende. Hij moest toegeven dat het er zeer weinig waren.
Een krant is het al lang niet meer, ondertussen is de krant uitgegroeid tot een volwaardig magazine. Interviews, boeiende essays, recensies over pas gepubliceerde dichtbundels. Dat is samengevat het doel dat werd gesteld. Even de redactie situeren om na te kijken of er van dat promoten en populariseren erg veel in huis is gekomen.
REDACTIE* Hoofdredacteur Willy Tibergien volgde onderwijs aan het Provinciaal Handels- en Taalinstituut te Gent en studeerde sociale pedagogiek in Nijmegen, Tilburg en Utrecht. Een leraar op de militaire school, waar Tibergien een officiersopleiding begon, maakte hem gevoelig voor “het schone geheim der poëzie”.
* Johan de Boose, redacteur, deed Slavische talen en Oost-Europakunde.
* Elke Brems, redactrice, Nederlandse Literatuurstudie.
* Jan van Coillie, redacteur, Germaanse filologie.
* Paul Demets, redacteur, Germaanse filologie en theaterwetenschappen.
* Remco Ekkers, redacteur, studeerde Nederlands en gaf van 1973 tot 1999 Nederlands en drama aan de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden.
* Stefaan Evenepoel, redacteur, Germaanse filologie, docent Nederlands aan de Hogeschool Gent.
* Kris Pint, redacteur, universiteit Gent, vakgroep Nederlandse literatuur, interesse literaire antropologie.
* Maarten De Pourcq, redacteur, Faculteit letteren, Literatuurwetenschap Leuven. Studeerde Grieks en Latijn en is verbonden als assistent aan de afdeling Griekse filologie. Dezelfde Maarten zit ook nog in de adviescommissie poëzie en essay van het Vlaams Fonds voor de Letteren. Over inteelt gesproken! In diezelfde adviescommissie zitten Kurt De Boodt (Germaanse filologie), Carl De Strycker (Vakgroep Nederlandse literatuur, universiteit Gent – zie ook Kris Pint) en Patrick Lateur (Klassieke filologie, Leuven).
NIET MEER TE LEZEN?Als je in een fabriek als burgerlijk ingenieur wordt aangenomen, lijkt het me logisch dat je een diploma kunt voorleggen, een huis bouw je niet zonder architect en een kwakzalver zal nooit een dokter kunnen vervangen (alhoewel?), maar als poëzie een zaak van academici wordt of is, lijkt het me dat men een doodlopende straat insloeg waar men bezig is zich dood te analyseren en dat men hierdoor afstevent op wat het ergste is dat poëzie kan overkomen: niet meer gelezen worden.
Toen Marc Pairon een subsidieaanvraag als test naar het VFL stuurde, werd die afgewezen, zoals hij had verwacht. Een van de gronden waarop: zijn poëzie zou niet uitgegeven zijn bij een erkende uitgever. De adviescommissie blijkt ook nog niet te kunnen lezen, want de Stichting Charles Catteau is een door de Vlaamse Uitgeversvereniging erkende uitgever.
De ‘zuster’ organisatie Stichting Lezen, die zich bezighoudt met het samenstellen van de lezingenlijst – waarbij inrichters van literaire evenementen auteurs gesubsidieerd kunnen laten optreden – weigerde hem ook een plaatsje op hun lijst. Het was Pairon niet te doen om de centen, maar om op die lijst te komen, zodat de inrichters van het bestaan van de mogelijkheid hem te vragen op de hoogte waren. Ondertussen doet hij zijn optredens gratis voor niks.
VAN KWAAD NAAR…Toen ‘Hotel New Flanders. 60 jaar Vlaamse poëzie’ (HNF) bij het Poëziecentrum verscheen onder redactie van Dirk van Bastelaere (studeerde enige tijd Germaanse taalkunde in Leuven) die met zijn enige leesbare dichtbundel ‘Vijf jaar' (Soethoudt,1984) het beste literair debuut in de wacht sleepte, Erwin Jans (Germaanse filologie en theaterwetenschappen), auteur van het onleesbare boek ‘Interculturele intoxicaties’ over de in aanbouw zijnde multiculturele (ik hoor liever multi-etnische) samenleving en Patrick Peeters (die zich aan de inteelt bezondigde door kanttekeningen te maken bij een gedicht van Dirk van Bastelaere) die werkt voor een wetenschappelijke uitgeverij, werd nogmaals bewezen dat men ver van de massa moet staan om te worden opgenomen, liefst zo ver mogelijk.
Als men het voorbeeld neemt van de dichter die de bijnaam ‘de Pieter Aspe van de poëzie’ van een boekhandelaar meekreeg, met name Marc Pairon, kan men duidelijk zien wat er aan de hand is. In 1981 schreef Marc in zijn bundel ‘Splinters’ (Soethoudt) opgenomen in H.N.F:
KUNST BAART OGENLaat de kunst der dorsten,
overgaaf in vrank jolijt.
Epos in het jus der worsten,
herinnering uit kindertijd.
Gouden pen is overleven,
kastelen op het witte doek.
Aroma kwistig weggegeven,
droombarak in sprookjesboek.
Wazig oog voor wederkeren,
balen steen lijk honingbrij,
klaargekruid om te verteren.
Hoedje af die schepping zij.
IK BEGRIJP HET NIETToen ik Pairon confronteerde met zijn eigen tekst, stond hij me uitdagend aan te kijken en zei dat het toch simpel was. Ik drong aan en toen vertelde hij me dat hij er ook niets van begreep. Dat hij eigenlijk na het lezen van die – zijn eigen - tekst begrepen had dat poëzie een andere weg op moest en dat hij na bijna 30 jaar de pen opnieuw ter hand nam. Daaruit vloeiden de vier pamfletten voort, ‘Mijn huis is waar mijn Stella staat’, ‘Jij bent mijn energie’, ‘Praten werkt’ en ‘Geluk zit soms in een klein koekje’. Deze vier bundels werden verkocht aan 2 euro en er gingen meer dan 9.000 exemplaren over de toonbank. Poëzie die door de redactie van Poëziekrant werd en wordt doodgezwegen, die door Gwij Mandelinck werd uitgespuwd en door Ramses Nasr tenenkrullende poëzie werd genoemd, maar die met Sint-Valentijn 2009 in maar liefst duizend x vier exemplaren werd uitgedeeld in het Poëziecentrum (uitgever van de Poëziekrant).
VOLHARDEN IN DE BOOSHEIDOok zijn bundel ‘Ontbijt op Bed’ – verkoopprijs, gebonden 10 euro, ondertussen aan zijn vijfde druk - waaruit (ik citeer):
WEERZIENIk heb mijn hart gezien.
Het was groter
dan dat ik het
me voorstelde.
‘Goedenavond’ zei het.
‘Blij u weer te zien.’
En ik gaf het
mijn doktersbriefje.
Als verantwoording
voor mijn afwezigheid.
en zijn bundel ‘Franse zoenen’ – verkoopprijs, gebonden 10 euro ondertussen aan zijn vijfde druk - waaruit (ik citeer):
WEEMOEDAls het water
naar de zee waait,
wil ik het
tijdig tegenhouden.
Omdat zielenleed
nodig is
om van vreugde te genieten.
Laat me drinken
op niets te vieren te hebben.
Het mag een goede wijn zijn.
Droog, maar nat genoeg
voor weemoed.
zijn tot nu toe niet aan bod gekomen, terwijl heel wat internetverkeer de loftrompet stak over deze laatste twee bundels, maar misschien waren die liefhebbers wel geen academici. De redactie van de Poëziekrant volhardt in de boosheid, ze schreven ook niets over ‘Litanie’ – een uitgave van het Poëziecentrum, waarin Pairon een ode opnam aan zijn grote held Nic van Bruggen p.p. wiens eigen ‘Litanie’ ook in deze duobundel is opgenomen, en die een vooraf meekreeg van Lukas De Vos die vijftien jaar doceerde aan diverse universiteiten.
Uit Litanie:
XI
(111 - 121)
Ik zal verkrampen. Sidderen. Zweten.
Me verhangen. Sterven van gebrek.
Kronkelen. Afzien. Janken. Stuiteren.
Me verwoesten. Me pijnigen. Me geselen.
Verstommen. Vrezen. Trillen. Me folteren.
Me vernietigen. Me vernielen. Te gronde
richten. Me stenigen. Brullen. Krijsen.
Me kwellen. Sterven. Leeglopen. Tieren.
Kortademig zijn. Me vernederen. Een
aanfluiting zijn. In het oogverblindende.
Van je aanschijn.
Laat ik nog een gedicht citeren uit ‘Top 50. Intiemste liefdesverzen’, (paperback 3 euro):
EEN GENERATIE DURENHet zal een generatie duren
voor ik het meeste
van je vergeten ben.
Ik heb dat uitgerekend,
met voor elke herinnering
een maand.
Dat komt dan ongeveer
op het saldo van een leven uit.
Lang zal ik kunnen nagenieten.
Over het kort en bondig.
Over het had niet mogen zijn.
Het woord in aan de bevolking! Misschien kunnen we het voorstel om aan te stippen op je belastingsbrief welke godsdienst je wil steunen, verder doortrekken naar de naam van de dichter die je wil steunen!