Volgend jaar op 9 juli 1955 is het zestig jaar geleden dat The Phenix City Story in Chicago, Illinois in première ging;
THE PHENIX CITY STORY (1955)
Allied Artists Pictures
REGIE:
Phil Karlson
SCENARIO:
Daniel Mainwaring samen met Crane Wilbur.
MET: John McIntire, Richard Kiley, Kathryn Grant,
James Edwards
The Phenix City Story
betekende heel wat voor de ex-journalist Daniel Mainwaring (Man-a-ring), zoveel zelfs dat hij afzag
van het pseudoniem Geoffrey Homes dat hij voor al zijn boeken en andere films gebruikte.
De
film lijkt veel op een gespeelde documentaire. We maken kennis met een stadje
in Alabama, waar de penozewereld het voor het zeggen heeft. Prostitutie en
caféspellen zijn hun racket en corrupte politielui knijpen de ogen toe, wanneer
gangsters gewelddadig caféspellen vervangen door hun eigen spellen. Hun klanten
zijn vooral de soldaten van het fort dat aan de overkant van de rivier ligt en
die zich geen vragen stellen hoe de meisjes die ze bezoeken in de prostitutie
terecht zijn gekomen.
De
film start, nog voor de generiek, met de radiojournalist Clete Roberts die een
rist mensen interviewt die het hele gebeuren in werkelijkheid hebben
meegemaakt, wat wel eens tot een ‘spoiler’ kan leiden. Dan begint de film van
Phil Karlson (die enkele jaren daarvoor in Scandal
Sheet (1952) naar de roman The Dark
Page van Sam Fuller eveneens de maffia op de korrel nam) die het verhaal
vertelt van advocaat Albert Patterson die zijn hele leven in de stad woonde en
zijn zoon, John, eveneens een advocaat, die net is teruggekeerd uit naoorlogs
Duitsland waar hij deelnam aan het proces van Nuremberg. Al snel heeft hij zijn
buik vol van wat hij in zijn stad ziet gebeuren. Samen met zijn pa, Albert, besluiten
ze dat pa naar de positie van Openbare Aanklager moet dingen om de gangsters de
genadeslag toe te brengen. Maar dat is buiten de waard gerekend, want nog voor
hij het ambt kan opnemen, wordt hij neergeschoten op straat.
De
moord op zijn vader maakt dat John nog meer verbeten en hij aanvaardt de baan
als Openbare Aanklager in het zog van zijn vader en gaat achter de gangsters
aan. Hij maakt gebruik van Ellie Rhodes, die kaarten deelt in een illegale
goktent, om bewijsmateriaal te vergaren tegen Rhett Tanner en zijn lijfwachten
John Larch en Clem Wilson. We zien ook hoe de dochter van de zwarte Zeke Ward –
die de bende openlijk beschuldigde - wordt vermoord en op de oprijlaan van John
Patterson wordt gedeponeerd, als waarschuwing voor John, zijn vrouw en familie.
The
Phenix City Story is een van de meest politieke
Amerikaanse films. Zo is er het ongewone dat de inhoud een weergave is van de
hoofdartikels van die dagen. De dialogen en het aanpakken van zaken zoals de
relaties tussen de rassen zijn gedurfd – ook nu nog. Veel ‘politieke’ films
zijn gevuld met voorzichtige compromissen, gemaakt door calculerende angsthazen
die op een schaaltje afwegen hoever ze kunnen gaan om het publiek niet af te
stoten, dat doet deze film niet, hij koestert de vrijheid van het woord en zegt
wat hem op de maag ligt. De ongeremde aanpak is zelfs in het huidige Hollywood
ongezien.
Daarnaast
is de film goed gemaakt en een aantal minder bekende acteurs en actrices
leveren duidelijk hun topprestatie.
The
Phenix City Story gaat ook
het rassenprobleem met de zwarten niet uit de weg. De film toont de
systematische discriminatie en vooroordelen waar ze tegen aankijken. Er zijn
ook sympathieke, waardige zwarte personages, die lichtjaren verwijderd zijn van
de stereotypes die meestal de Hollywoodfilms bevolkten. Hier en daar kan een
echte filmfan zelfs de eerste verschijnselen van de Civil Rights movement in de
dialogen ontdekken. De film is daarbij uitgesproken pro-zwart en pro-gelijkheid.
Mede-scenarist
Crane Wilbur was ook al niet bang om tegen zere schenen te schoppen. Crane,
schrijver, acteur en regisseur, had al diverse stille films op zijn actief in
de regiestoel, maar met Tomorrow’s
Children (1934) die de tagline "The Most Daring, Sensational Drama
Ever Filmed!" meekreeg ging hij blijkbaar te ver voor vele ‘goedmenende’
burgers. Hierin klaagt hij de ‘leer’ aan van de rasveredeling, de zogenaamde
eugenetica. Hij doet dit aan de hand van een echtpaar dat door de welzijnszorg
verplicht wordt zich te laten steriliseren. Tomorrow’s
Children toont aan dat veel mensen tegen hun wil werden gesteriliseerd
zonder dat het gerecht er ook maar aan te pas kwam. De film werd verboden in de
staat New York op grond dat hij immoreel was, dat hij kon leiden naar
corrumperende daden en dat het aanzetten was tot misdaad. Natuurlijk ging Crane
in beroep maar het verbod werd niet opgeheven en in verbreking werd in het
vonnis vermeld dat het hier om verspreiding ging van informatie over
geboortebeperking, die toentertijd illegaal was. De uitspraak van Daniel Mainwaring: “Seems like everything people oughta know
they just don't want to hear. I guess that's the big trouble with the
world.” helemaal van toepassing is op deze film.
.jpg)


Geen opmerkingen:
Een reactie posten