De schelmse snaak Tom
Sawyer doet onwillekeurig denken aan de
“Witte", er zit ook een beetje “Ciske de rat” in, soms ook “Pietje Bell”
en ja, zelfs “Dik Trom”.
Tom heeft een levendige
fantasie en die zet hij dikwijls om in kattenkwaad. Tom woont bij zijn tante
Polly in St. Petersburg en heeft een halfbroer met de naam Sid. Zijn beste
vriend is Huckleberry Finn, Huck voor de vrienden, en die is de zoon van een
steeds dronken heerschap.
Tom raakt betrokken in een
ruzie waarbij er klappen vallen en als straf moet hij de volgende zaterdag het
hek schilderen. Maar Tom is niet op zijn hoofd gevallen en met zijn charme
heeft hij al snel enkele andere kinderen overgehaald om de klus voor hem op te
knappen.
Tom wordt op slag verliefd op Becky Thatcher, een meisje dat net in de stad kwam wonen. Maar als die ontdekt dat hij voordien al een meisje had, Amy Lawrence, ziet ze Tom niet meer staan.
Wanneer de twee
onafscheidelijke vrienden, Tom en Huck, op een avond naar het kerkhof gaan
omdat daar een medicijn tegen wratten geoogst zou kunnen worden, zijn ze
getuige van de moord op Dr. Robinson door Injun Joe. Tom en Huck zweren elkaar
dit nooit aan iemand te vertellen, omdat Joe nu eenmaal geen simpele is. Injun
slaagt er echter in dat om alles in de richting van Muff Potter te doen wijzen
en die wordt beschuldigd van de moord. Toms schuldgevoel groeit zienderogen.
Tom, Huck en hun
avontuurlijke vriend, Joe Harper, besluiten om weg te lopen en zich op de
piraterij te werpen. Maar hen komt hun ter ore dat de mensen in St. Petersburg
denken dat het drietal verdronken is. Ze besluiten naar hun eigen begrafenis te
gaan en het wordt een succes, want alle kinderen van het dorp zien hen als
helden, zelfs Becky.
Wanneer Muff Potter voor de
rechter staat, breekt Tom zijn eed en getuigt tegen Injun Joe. Joe ontsnapt
echter en is onvindbaar.
Wanneer de zomer in het land
komt besluiten Tom en Huck op zoek te gaan naar een schat die verborgen zou zijn
in een huis waar het spookt. Van dit bijgeloof heeft Injun Joe gebruik gemaakt:
het huis dient hem en zijn ‘vrienden’, als schuilplaats. Als ze echter
ontdekken dat niet iedereen bang is om het huis te betreden gaan ze hun buit
elders onderbrengen.
Huck staat op wacht voor het
huis en hij begint Injun Joe te schaduwen, in een poging om het goud van hem af
te pakken. Vooraleer hij echter tot actie kan overgaan hoort hij Joe en enkele
andere boeven plannen smeden om de weduwe Douglas wat lichter te maken. Huck
heeft net de tijd om haar te waarschuwen.
En dan op een dag zonderen
Tom en Becky zich iets teveel af, en samen verdwalen ze in een grot. Laat dat
nu de grot zijn die Injun Joe als schuilplaats gebruikt. Tom en Becky vinden de
weg terug en waarschuwen de politie, die de grot hermetisch afsluit. Joe heeft
de keuze tussen zich overgeven of verhongeren.
Dan vinden de jongens de
goudschat van Injun Joe, en omdat er geen wettige eigenaar is, zijn Tom en Huck
plotseling erg rijk.
Dit verhaal vraagt om verfilming
en er zijn inderdaad nogal wat versies.
Tom Sawyer (1907), Tom Sawyer (1917), een Hongaarse versie in
1920, Tom Sawyer (1930), een versie uit de Sovjet Unie uit 1973,Tom Sawyer
(1973), een Tsjechische versie uit 1976, de animatiefilm The Adventures of Tom Sawyer (1986), Tom and Huck (1995), Tom Sawyer (2011), een Duitse versie in 2012
en diverse tv-series en verschillende tv-films.
Maar het is Norman Taurog
die tachtig jaar geleden, in 1938, alle voordien gemaakte en alle latere
versies van The Adventures of Tom Sawyer
in de schaduw zet. Taurog had kindsterretje Jackie Cooper al voor de camera
gehaald in Skippy (1931), film waarin
Skippy, de schalkse zoon van een rijke dokter, een ontmoeting heeft met Sooky
uit de armenbuurt, en samen met hem zal hij proberen Sooky’s lievelingshond uit
de handen van de hondenvanger te houden. Ook in 1938 leverde Taurog een
meesterwerk af met Boys Town − met Spencer Tracy (Oscar voor
best actor) en de toen achttienjarige Mickey Rooney − en werd genomineerd voor
best director. Vanaf 1960 zal Taurog, die dan 61 jaar is, de jongerencultus
rond Elvis achtereenvolgens met G.I.
Blues (1960), Blue Hawaii (1961),
Girls! Girls! Girls!(1962), Tickle Me (1965), Double Trouble (1967) en Speedway
(1968) op peil houden.
REGIE: Norman Taurog
SCENARIO: John W.A. Weaver
naar het boek van Mark Twain
MET: Tom Kelly, Jackie Moran, Ann Gillis, May Robson, Walter Brennan,
Victor Jory, David Holt
Niet alles
liep van een leien dakje met deze The Adventures Of Tom Sawyer.
David O. Selznick, die sinds enkele jaren hoofd was van zijn eigen
productie-eenheid onder de M.G.M. banier, − hij was vice-president van M.G.M.
en overgekomen van R.K.O.− moest in maart 1937 Taurog alvast laten beginnen in
zwart-wit, omdat nu eenmaal geen bevoegd personeel gevonden kon worden om in
kleur te draaien, want dat was al geboekt voor andere opdrachten. Dan was er
het feit dat de oorspronkelijke regisseur H.C. Potter, die tot dan toe zegge en
schrijve twee films op zijn credit had (later zou hij het GENIALE Hellzapoppin’ (1941) maken) er de brui
aan gaf nadat de productie voor de tweede keer werd stilgelegd en omdat hij
alle bemoeiingen van grote baas Selznick ("Selznickian interference”) moe
was als koude pap. Opnamen in zwart-wit gingen door tot juni, maar toen kwam er
plots een unit kleurenkenners vrij, zodat het geheel moest worden overgedaan in
kleur… Gevolg was dat Selznick de kans zag om enkele veranderingen aan te
brengen in de cast. Wie wel geselecteerd bleef was Tommy Kelly (een piepjonge
Montgomery Clift zou auditie doen voor deze rol, maar zijn acne was zo
schrikwekkend dat het niet doorging). Kelly was een niet professionele-acteur,
maar de zoon van een brandweerman uit de Bronx die zonder werk zat. De
twaalfjarige kreeg een weekloon van honderd dollar (vandaag zou dat ± 1700 $
zijn) en zijn pa kreeg een baan als bewaker van het Selznick-International gebouwencomplex.
Hoewel men van de basisidee was uitgegaan dat alle kinderen uit een weeshuis
zouden worden gehaald (so as to arouse such a warm public feeling that it
would add enormously to the gross of the picture volgens Selznick), stapte diezelfde Selznick af van dat idee en werd het
alleen Kelly als niet-professioneel, voor de rest werden profs aangezocht. En
iedereen knikte instemmend, Selznick mocht je niet tegenspreken.
Scenarioschrijver Ben Hecht werd er bijgeroepen om het bestaande scenario wat
bij te werken, terwijl George Cukor (die al onder Selznick werkte bij R.K.O.)
ook geholpen zou hebben bij de regie van enkele scènes, vooral die delen die
zich in de school en op het pirateneiland afspelen. Pas dan verscheen regisseur
Norman Taurog op het toneel omdat hij dus wist met kinderen om te gaan.
Maar
uiteindelijk kwam de film er en er werden vooraf vertoningen georganiseerd waar
kinderen en hun moeder op werden uitgenodigd.
Maar de
moeders bleken niet erg gelukkig omdat hun angstige kinderen blijkbaar wel erg
onder de indruk waren van de intense spanning die soms werd opgeroepen. Er
kwamen twee draaidagen bij en die werden dan weer geregisseerd door William
Wellman. Alles moest klaar zijn om de film in februari 1938 in de zalen te
brengen. In België kwam hij op 16 december 1938 in Brussel uit, in Antwerpen
werd het 20 januari 1939.
De film is
om te beginnen van historische waarde. Kinderen krijgen nu en dan wel eens een
tik tegen het hoofd, een knip tegen het oor, en soms zelfs van de zweep van
onbuigzaam notenhout. De volwassenen hebben blijkbaar geen enkele empathie en
bij hen ontbreekt ook alle humor. (Toen ik dertien jaar was, dat was dus 1952,
kreeg ik een pandoering van een leraar die me tot op de dag van vandaag in het
geheugen blijft. Om maar niet te spreken over een non, zuster Klara, die me op
zesjarige leeftijd in een donkere, muffe kelder opsloot!)
Als ik dus
een film zou maken, zouden deze twee voorvallen er waarschijnlijk in worden
opgenomen, en dat is wat Taurog vermoedelijk ook heeft gedaan, alleen moet hij
heel wat meer afkeer van de school hebben gehad dan ik en dus meer van het
zweepje gekregen hebben.
Net als de schrijver
Twain zet Taurog authentieke negentiende-eeuwse personages neer. Tom Sawyer
krijgt herhaaldelijk slaag en dat was niet om te lachen. Er wordt niet rond de
pot gedraaid: de volwassenen van die dagen waren wreed tegenover kinderen.
De boef
Injun Joe kan bogen op het feit dat hij waarschijnlijk de meest angstwekkende
misdadiger van alle films uit de jaren dertig is, en in de die periode werden
er heel wat noir films gemaakt. Zijn gezicht straalt geen enkele menselijkheid
uit. Nemen we dan de achtervolging in de grot van Tom en Becky door Injun, dan
zitten we naar een horrorfilm te kijken die ook vandaag nog schrikwekkend is.
Eigenlijk laat het geheel een huiveringwekkend gevoel achter, en het kerkhof,
de grotten en zelfs de schoolklas dragen tot de sfeer bij.
En toch
vormt de humor in The Adventures Of Tom Sawyer het perfecte tegengewicht
voor de horror.
© Walter
A.P. Soethoudt





“So endeth this chronicle. It being strictly a history of a boy, it must stop here; the story could not go much further without becoming the history of a man.” Mark Twain - Tom Sawyer
BeantwoordenVerwijderenIn 'Three Roads to the Alamo' oppert auteur William Davis dat Twain -geboren als Samuel Clemens in 1835, minder dan een half jaar voor de Slag om de Alamo- zijn Huckleberry Finn modelleerde op de jonge David Crockett, die sneuvelde in the Alamo, samen met James Bowie, William Travis en enkele honderden anderen.
BeantwoordenVerwijderen"When he (Clemens) grew to manhood he would use his pen to continue and expand the evolution of a distinctive brand of American literary humor that had its roots in Crockett. Huckleberry Finn would be the young David Crockett, still on the road, still having adventures, and still amusing and charming generations. Americans were reluctant to let him die".