Bedenkingen, mijmeringen, oprispingen.

dinsdag 31 juli 2012

ALLEMACHTIG

* Deze ochtend Meyrem Almaci op de radio een pleidooi horen houden voor deelname van in België wonenden en belasting betalenden vreemdelingen aan de gemeenteraadsverkiezingen. Mooi, maar waarom moeten die worden toegesproken in hun eigen taal! De eerste vereiste vind ik, en velen met mij, is nog steeds het spreken van de taal van diegenen die je liefdevol (hmm... niet allemaal, maar tja) hebben opgevangen, dat is een kwestie van beleefdheid.

* Ik denk dat wanneer je niet weet dat de Zomer van Antwerpen een samenraapsel is van cultuur, echte en die voor het volk, dat de volgende krantentitel wel erg vreemd moet klinken: Zomer van Antwerpen lijdt onder slecht weer.

maandag 30 juli 2012

TERMINOLOGIE

* De eerste keer dat ik deze maandagochtend het sportnieuws hoorde, wist men te vertellen dat de Belgische vier zwemmers achtste en laatste waren geworden. De tweede maal had iemand er waarschijnlijk duidelijk op gewezen dat achtste voldoende was, België was achtste op de 194 internationaal erkende onafhankerlijke staten; als dat geen prestatie is, wat is het dan wel?

* Als een doelman de bal pakt bij een penalty, kun je toch niet zeggen dat diegene die hem schopte heeft gemist! De doelman redde een penalty klinkt veel beter en juister.

vrijdag 27 juli 2012

GESPLETEN TONG

Patrick Dewael (Lier, 19/10/1955) en Marleen Vanderpoorten (Lier, 21/7/54) zul je nu waarschijnlijk niet horen, nu Jacky Smeets (ex-VB en ex LDD) naar de liberalen is overgelopen. 't Ja, als je grootvader zich maar niet omdraait in zijn graf, zeg ik dan.

maandag 23 juli 2012

THE BLUES ON MONDAY

* Gisteren een lange wandeling gemaakt. Hierbij heb ik Park Noord (ik blijf erbij dat het geen park maar een grote weide is, in een park staan bomen!) aangedaan. Overal had ik affiches voor de Pietas van Jan Decorte gezien. In de Nieuwe Antwerpenaar werd er ook over geschreven. Oké, tot zover. Ik stap naar binnen en loop naar de zaal toe, waarop een stem zegt: het is wel betalen. Ik antwoord: Als je als Antwerpenaar nu ook moet betalen, waarom betalen wij dan stedelijke belasting. Ik heb het nog eens nagekeken, nergens wordt ook maar een prijs vermeld, niet in de Nieuwe Antwerpenaar, niet op de affiches. Is dat niet strafbaar?



* Toch nog wat positief te melden. Het boekje Literaire Vogelvlucht over Mortsel, Edegem, Boechout, Hove en Kontich van John Rijpens is een erg leesbaar ding. Nu denk je dat met het noemen van deze steden en dorpen dat er beperkingen zijn, natuurlijk zijn die er, maar het boekje treedt duidelijk buiten de grenzen, als je de auteurs ziet die worden behandeld.Je hebt er bijvoordeeld naast de Frans schrijvenden Marie Gevers en Paul Willems, de onvolprezen Paul van Ostaijen, Alstein, Ernest Claes, jeugdschrijver Luc Descamps, Paul Koeck, Jaap Kruithof, Ivo Michiels, Alice Nahon, Bart Plouvier, Ward Ruyslinck, Clem Schouwenaars (maar waar woonde die niet?), Nic van Bruggen, Jos Vandeloo, Marc Andries, Abraham, Annie, Willem en Helena Hans (een stokpaardje van Rijpens die er een heel boek aan wijdde) en Gerard Bodifée.
Emiel van Hemeldonck passeerde er ook en zelfs Sus Verleyen vereerde het dorp Hove met zijn aanwezigheid. Het boekje is uitgegeven bij 't Periodiekske in Mortsel en je kunt het vinden bij Boekhandel De Boekuil op dirk@boekuil.be

maandag 16 juli 2012

MAANDAG BLUES

Gisteravond, bij de uitzending van ‘Zomergasten’ vermeldde Kristien Hemmerechts (27/8/1955) met een ietwat wrange lach (maar die is meestal zo) dat in Vlaanderen geen hond had gekeken naar de ‘Zomergasten’ waarin zij de gaste was. Wat had ze verwacht? In Vlaanderen waren ze haar puberachtige, gespeelde feminisme al na haar eerste boek zo moe als koude pap.
------------
Patrick Dewael (Lier, 19/10/1955) en Marleen Vanderpoorten (Lier, 21/7/54) hebben het weer eens bruingebakken vandaag in De Morgen, die wat graag zijn pagina’s ter beschikking stelt van N-VA bashers. Ze verwijten de N-VA dat ze een hele rist Blokkers op de lijst hebben opgenomen. Goed zo, daar moest een einde aan komen! Alleen zijn de blauwen vergeten dat toen de heren van de Volksunie naar hen overliepen, dat ook deze vrouwen en mannen een strontgeurtje met zich meedroegen, en ze maakten een ervan wel partijvoorzitter en een andere minister. Het is maar zoals het je uitkomt, denk ik dan.
Zijn er nog politici met een uitgesproken mening? Als je ziet dat er kartellijsten bestaan waarop sp.a, CD&V, een groene en enkelen die zich onafhankelijk noemen staan, twijfel je daaraan. Ik heb de tijd nog gekend dat kinderen van een katholieke school de straat moesten oversteken om niet voorbij het socialistische bondshuis te moeten, toen wist je wel waar je stond, een tijd toen de liberalen nog PVV (Partij voor Vrijheid en Vooruitgang) heetten en dat was ooit de afkorting voor Pest Voor Vlaanderen, nu draagt Geert Wilders de banier verder als Partij voor de Vrijheid. Wat is links, wat is rechts? Ik weet het niet meer.

zaterdag 14 juli 2012

AARSKAAS

Vorige maand, bij mijn eerste trip naar Wales ontdekte ik in een dagbladhandel in het kustplaatsje Tenby het boek ‘Etymologicon: A Circular Stroll through the Hidden Connections of the English Language’ van ene Mark H. Forsyth (Sunday Times Number One Bestseller). Als er iemand is die op een prettige en humoristische manier over de Engelse taal kan schrijven is het die Mark wel. Ik leerde uit het boek dat het de neerslag was van zijn columns op de blog http://blog.inkyfool.com/ en ik heb meteen mijn laptop gepakt en ben gaan kijken. Nu volg ik hem haast dagelijks. Enkele dagen geleden had hij een stukje onder de intrigerende titel ur5 kisim gu-du-ka wat Soemerisch is, een taal die werd gesproken door de Soemeriërs en geschreven als spijkerschrift. Wat betekent nu dat ur5 kisim gu-du-ka volgens Mark? Letterlijk zou dat … smells, cheese of the anus betekenen. Nu hebben ze in het Engels weliswaar de weinig gebruikte arse-cheese uit de jaren negentig van vorige eeuw, wat hij terugvond in de Urban Dictionary. De betekenis ervan kan zowel letterlijk als figuurlijk wel worden geraden.
Ik dus op zoek naar aarskaas in Van Dale, maar het enige wat ik daar vond is tenenkaas. Een tip, kunnen ze in het groot woordenboek der Nederlandse taal misschien naast tenenkaas ook aarskaas en navelkaas opnemen, want die bestaan dus ook en ze stinken even erg als tenenkaas.

vrijdag 13 juli 2012

MORGEN 21 JAAR GELEDEN GING EEN DICHTER HEEN

De wereld is vol roerloze objecten die op een artiest wachten om tot dromen te ontluiken.
Henri-Floris Jespers

Nic van Bruggen en Walter Soethoudt 1984

Nic van Bruggen was kunstcriticus, sportjournalist, reclametekstschrijver, beeldend kunstenaar, maar in de eerste plaats dichter.
Vijfendertig jaar geleden, 1977, verscheen bij mijn uitgeverij ‘100 gedichten’ van Nic van Bruggen pp (1938- 14 juli 1991), een selectie uit vorige bundels, aangevuld met nooit eerder in boekvorm gepubliceerde gedichten. Dichter, redacteur en prozaschrijver Henri-Floris Jespers (1944) haalde in zijn woord vooraf schrijver, vertaler en criticus Eugène van Itterbeek (1934-2012) aan: “Dichten is in de eerste plaats het ‘registreren van taal’ en niet zozeer het optekenen van ervaringen of het in kaart brengen van de voorwerpen uit onze omgeving bij middel van taal. Het hele denken en voelen van Nic van Bruggen geschiedt in de wereld van de taal. Het is ermee versmolten, zodanig zelfs dat de tastbare dagelijkse werkelijkheid niet meer bestaat.”
In datzelfde woord vooraf staat: “De kracht van Nic van Bruggen pp is steeds geweest dat hij een eigen poëtische werkelijkheid wist op te roepen – met de woorden van Paul Snoek pp (1933-1981) – ‘gedichten zoals elke dichter er zou willen geschreven hebben, zoals men er zelden ontmoet in een letterkunde.’”

Gedicht

Die in dit oord van woorden woont
is de totem en de rite
mijn lichaam ingelegd en opgelegd.

Het westers mos der bomen.
Het oosters licht der ochtend.
Het oorlogsbloed der liefde.

Wat ik het meest van Nic van Bruggen heb geleerd is dat weemoed een ziekte is die eeuwig is.


EEN LANG STUK OVER THE YELLOW ROSE OF TEXAS

De Mexicaanse Onafhankelijkheidsoorlog (1810-1821) maakt een einde aan de Spaanse overheersing, ook op het Noord-Amerikaanse grondgebied. Het nieuwe Mexico omvat een groot deel van het grondgebied van het voormalige vicekoninkrijk Nieuw-Spanje. Op 4 oktober 1824 krijgt Mexico een nieuwe grondwet, het land wordt een federale republiek opgedeeld in negentien staten en vier territoria. Texas is een deel van de staat Coahuila y Tejas, met als hoofdstad Saltillo.
De Mexicaanse regering staat in deze periode de immigratie van (Anglo-) Amerikanen naar het schaars bevolkte Texas toe, onder voorwaarde dat zij katholiek worden. Al snel ontstaan er culturele en politieke spanningen, want de meeste immigranten blijven bij hun protestantse godsdienst. Ook willen zij, tegen de Mexicaanse grondwet in, slaven naar Texas brengen. Op hun beurt beschuldigen de immigranten Mexico ervan dat ze hun eigen grondwet niet naleven en bevoegdheden die voorbehouden zijn aan de staten centraal proberen te regelen.
President Anastasio Bustamante poogt de immigratie naar Texas in te dijken, zonder veel succes want op dat ogenblik wonen er al 30.000 Anglo-Texanen tegenover 7.800 Mexicaanse Texanen. Antonio López de Santa Anna komt roet in het eten gooien en roept zich uit tot alleenheerser van Mexico en verwijst de grondwet van 1824 naar de prullenmand. Gevolg: Texas verklaart zich onafhankelijk en vormt een voorlopige regering.
De Texaanse Revolutie tegen de dictatuur begint. Een rebellenleger - of beter gezegd, verschillende eenheden - vormt zich en Mexicaanse soldaten worden bijna dagelijks slachtoffer van kleine guerrillagroepjes. Honderden vrijwilligers komen naar Texas om te helpen en vormen weldra twee regimenten die de basis gaan vormen van het Texaanse leger. Andere vrijwilligers, onder wie Anglo-Texaanse en Mexicaans-Texaanse kolonisten, organiseren zich in compagnies. Kleine Mexicaanse eenheden worden aangevallen en uitgeschakeld en in San Antonio worden de laatste Mexicaanse soldaten uit Texas verjaagd.
President-generaal Santa Anna kan dit niet over zich laten gaan en wanneer hij van een spion verneemt dat het centrum van de Texaanse onafhankelijksheidsbeweging zich in de Alamo bevindt - een katholiek
The Alamo

missiegebouw - besluit hij aan te vallen. Met een leger van meer dan 5000 soldaten overvalt hij het garnizoen dat uit nauwelijks 200 man bestaat. De belegering loopt van 23 februari 1836 tot 6 maart, toen de laatste Texaan sneuvelde, onder wie James Bowie en Davy Crocket. Als we de legende moeten geloven liet Santa Anna elke avond de degüello (het Spaanse woord voor ‘Onthoofding’) spelen alvorens het vuur te openen. Deze muziek gebruikten de Spanjaarden in hun strijd tegen de Moren, om aan te geven dat niemand aan de dood zou ontsnappen.
Het volgende wapenfeit van de Mexicanen heeft ongeveer een maand later plaats. Op 19 en 20 maart winnen zij de Slag bij Coleto. Coleto is een kreek in Goliad County in Texas. Deze slag, ook wel ‘the battle of the prairie’ genoemd, wordt gestreden tussen de troepen van de Mexicaanse generaal José Urrea en de Texaanse rebellen onder leiding van James Fannin. Na twee dagen geven de Texanen zich over, samen met hun 9 doden en 60 gewonden. De Mexicaanse president Santa Anna geeft Urrea het bevel alle gevangenen van Goliad (Coleto) – ongeveer 350 - op 27 maart (Palmzondag) te executeren. Urrea weigert in eerste instantie en laat vervolgens de dokters gaan, maar zal dan de orders uitvoeren. Hij vertelt de gevangenen dat ze naar een andere plek worden overgebracht en in één lange file, naast iedere Texaan een Mexicaanse soldaat gaan ze op weg. Op een bepaald ogenblik wordt dan het bevel uitgevoerd en de soldaten vermoorden de Texanen, met geweer, zwaard of bajonet. Achtentwintig Texanen kunnen ontsnappen en zes van hen vertellen hun verhaal aan de ongeveer 900 man tellende militie van Sam Houston. Die zal een maand later, 21 april 1836, tegenover het leger van Antonio López de Santa Anna staan. Houston heeft positie gekozen in het woud aan de samenvloeiing van de San Jacinto Rivier en de Buffalo Bayou. Santa Anna, die zichzelf dikwijls vergeleek met Napoleon, zet zijn kamp op in een grasveld dat ongeveer negenhonderd meter lager is gelegen. Dan laat hij de brug, de enige weg tot aanvoer van materiaal en voedsel voor beide legers, in de fik steken.
Maar Santa Anna hield van de vrouwtjes en zeker op de avond voor een aanval. Hij had in de Texaanse nederzetting, New Washington, een mooie mulattin met een vrijbrief van de Texaanse militair en grondeigenaar Morgan gevangen laten nemen en die avond sommeerde hij haar naar zijn tent. Emily D. West zoals ze heette, zond echter vooraleer ze de tent betrad, een andere bediende van Morgan naar Sam Houston om hem de positie van Santa Anna te verraden.
Sam Houston bij San Jacinto River

Verwijzend naar recent verloren slagen joeg Sam Houston zijn manschappen onder de strijdkreten ‘Remember the Alamo!’ en ‘Remember Goliad’ naar de overwinning. De strijd zelf duurde 18 minuten, maar het afslachten van de Mexicanen ging nog wel een uurtje door. Er stierven 630 Mexicanen en 9 Texanen. Het Mexicaanse leger werd omsingeld door de Texanen. Santa Anna werd daarbij gevangengenomen, omdat hij - althans volgens de legende - het te druk had met zijn ‘Yellow Rose’, de mulattin Emily.
In ruil voor zijn vrijlating gaf hij de Mexicaanse troepen het bevel zich terug te trekken tot voorbij de Rio Grande, maar de Texanen hielden een troef achter de hand en Santa Anna bleef gevangen en moest pleitbezorger worden voor de onafhankelijkheid van Texas,maar de Mexicaanse regering weigerde deze te erkennen en het zou nog tot 1848 en het Verdrag van Guadaloupe Hidalgo duren voor ze zich erbij neerlegde.

VERWANTE FILMS

* In 1911 werd de korte (20 minuten) stomme film ‘The Immortel Alamo’ in zwart-wit gedraaid. Nergens is er nog een kopie te vinden. William F. Haddock was de regisseur.

* Eveneens in de mist van de tijd verdwenen is de in 1914 uitgebrachte ‘The Siege and Fall of the Alamo’ een speelfilm met Ray Myers. Men weet wel dat dit de enige film is die gedraaid in The Alamo zelf. The Library of Congress heeft 4 setfoto’s en een bespreking in stock, dat is het enige wat resteert van deze film.

* Het is 1915 en de 71 minuten durende ‘Martyrs of the Alamo’ wordt uitgebracht. Christy Cabanne regisseerde en schreef het scenario naar het boek van Theodosia Harris, haar enige werk van lange adem, voor de rest waren het korte verhalen die werden verfilmd. Alan Sears is Davy Crocket, Alfred Paget neemt James Bowie voor zijn rekening en Tom Wilson is Sam Huston. In een bijrolletje zien we Douglas Fairbanks in zijn tweede film.

* 1926 is het jaar dat ‘Davy Crocket at the Fall of the Alamo’ in de Amerikaanse bioscopen komt. Deze speelfilm heeft Cullen Landis als Davy Crocket, hij speelde datzelfde jaar in nog 13 andere films.

* 1935 brengt ons de korte film ‘The fall of the Alamo’ van regisseur Stuart Paton. Drie jaar later, 1938, draait diezelfde Paton ‘The Alamo: Shrine of Texas Liberty’ in San Antonio (Texas) naar een script van Norman Sheldon, die later nog scenario’s afleverde voor wildwestfilms. Dayton Faulkner speelde de hoofdrol, het zou zijn enige rol worden.

* Het is 1937 en de Amerikanen hebben wat peptalk nodig, want Hitlers Europa kondigt gure tijden aan. De 75 min. Durende ‘Heroes of the Alamo’ wordt op het Amerikaanse publiek losgelaten, opnieuw worden Crocket, Bowie en Houston de helden, jammer genoeg is de film zo amateuristisch gemaakt door de nochtans doorgewinterde Harry L. Fraser dat geen hond er naar gaat kijken.

De 1939 film ‘Man of Conquest’ is een biografische film over Sam Houston van George Nichols Jr. Met wat romance doorheen de geschiedenis gemengd was hij goed voor 3 Oscarnominaties, maar daarbij hoorden zeker niet de acteursprestaties.

* In 1956 draait Byron Haskin ‘The First Texan’. Het verhaalt hoe advocaat Sam Houston een schandaal wil vermijden en verhuist naar Texas waar hij zich ver van alle politiek wil houden. Maar president Jackson beveelt hem de leiding te nemen in de Texaanse Revolutie en hij zal zijn troepen leiden naar de uiteindelijke overwinning. Joel McRea (Sam Houston), Jeff Morrow (Jim Bowie) en James Griffith (Davy Crocket) spelen in deze mix van western en oorlogsdrama.
* In 1960 liet all American John Wayne – opeenvolgend gehuwd met drie Spaanssprekende vrouwen, Josephine Alicia Saenz (dochter van de Panamese Consul Generaal in de USA), Esperanza Bauer (Mexico) en Pilar Palette (Peru) - zich verleiden door het originele script van James Edward Grant om ‘The Alamo’ te draaien. Natuurlijk nam hij de hoofdrol voor eigen rekening, hij werd Davy Crocket, terwijl Richard Widmark de rol van Jim Bowie op zich nam. Naast hen zien we nog Laurence Harvey, Frankie Avalon en Patrick Wayne. Richard Boone en Ruben Padilla respectievelijk Sam Houston en Santa Anna krijgen nauwelijks een plaatsje toebedeeld.

* De 144 min. durende tv-film ‘Houston: The Legend of Texas’ heeft Sam Elliot in de hoofdrol. Het moet gezegd dat regisseur Peter Levin weinig of niets heeft begrepen van de werkelijkheid, want Sam Houston zou niks hebben betekend als hij niet omringd was door mensen die hem de strijd hielpen winnen. Levin concentreert zich te veel op Sam Elliot en daardoor zijn alle acteurs rondom hem bleke aftreksels geworden. Er werd nochtans geld nog moeite gespaard om deze film tot een succes te maken.

* In 1987 draaide Burt Kennedy met sterren James Arness, Brian Keith, Alec Baldwin ‘The Alamo: Thirteen Days of Glory’ voor TV.

* 1988 brengt ons ‘Alamo: The Price of Freedom’ met een rist onbekenden en Merrill Conally (Davy Crocket) en Steve Sandor (James Bowie). De opnamen gebeurden in de buurt van de echte plaats van gebeurtenis.

* In 1996 maken Nina Gilden Seavy en Paul Wagner een gespeelde tv-documentaire ‘The Battle of the Alamo’ voor Discovery Channel Pictures e.a., duur 47 minuten. Hal Holbrook is de verteller. Onder de acteurs geen enkele bekende naam.

In 1998 krijgt Kris Kristofferson de gelegenheid om een aan the Alamo verwante film te draaien, wanneer hij samen met een vriend ontsnapt uit de gevangenis en dienst neemt in het leger van Sam Houston. Zij zullen de finale aanval leiden op de troepen van Santa Anna. De 96 minuten durende film kreeg de titel ‘Two for Texas’ mee.

2003 brengt ons ‘Remember the Alamo’ een tv-documentaire geschreven en geregisseerd door Joshua Alper. In hetzelfde jaar verschijnt een 2 uur durende video ‘The History Channel Presents: The Alamo’ waarin we Dennis Quaid volgen op zijn tocht door de geschiedenis.

* Het is 2004 en ‘The Alamo Documentary: A True Story of Courage’ komt uit op video.

* In 2004 draaide John Lee Hancock ‘The Alamo’ met Dennis Quaid(Sam Houston), Billy Bob Thornton (Davy Crocket) en Jason Patric (James Bowie). Datzelfde jaar komt de videodocumentaire ‘The Alamo Documentary’ in de handel. Hij is van Lyn Stevenson naar een scenario van haarzelf en Jason Freeman. De interviews met mensen die zich hebben verdiept in de echte geschiedenis maken dat je aan het scherm gekluisterd blijft.

* In 2009 draaien Andrew Lee en Matt Wallach een korte film (7 min.) met de titel ‘The Alamo’. Het wordt een hilarische, nagespeelde documentaire met kinderen in de hoofdrol met waterballonnen als wapens.

VERWANTE MUZIEK

Een vroege met de hand geschreven versie van de song ‘The Yellow Rose of Texas’ dateert waarschijnlijk van net na de slag bij San Jacinto. De auteur is onbekend. Met de yellow Rose wordt verwezen naar Emily D. West, die zoals gezegd een kleurtje had. Later waren er nog versies, zoals eentje van Gene Autry en Jimmy Long. Nog later herwerkte Don George de originele versie van de song en Mitch Miller maakte er in 1955 een nummer één hit van, Bill Haley van zijn Rock around the Clock troon stotend. Deze Miller versie werd gebruikt in de 1956 film ‘Giant’ met James Dean, Rock Hudson en Elizabeth Taylor, Carroll Baker, Dennis Hopper, Sal Mineo, en stond heel toevallig op nummer een op de dag dat
James Dean verongelukte. Naar het einde van de film toe heeft Rock Hudson het verwerkt dat zijn zoon met een Mexicaanse is getrouwd. Wanneer de restauranteigenaar van Sarge’s Place weigert enkele Mexicaanse klanten te bedienen, bemoeit Hudson zich ermee, er ontstaat een gevecht tussen Rock en de potige eigenaar. Die slaat Rock van het kastje naar de muur en terug en wanneer Rock tegen de jukebox valt, begint die plots “The Yellow Rose of Texas’ te spelen. Waarna de eigenaar op de halfbewusteloze Hudson een bordje werpt met de tekst: we reserve the right to refuse anyone.
http://www.youtube.com/watch?v=e4ptm6F2KHQ

* In 1963 was er de documentaire ‘A nation sings’, een muzikale herdenking van liederen van de Burgeroorlog, met de U.S. Army Band en koor en de Rose is er een van. Beroemde performers waren Elvis Presley, Hoy Axton, Waylon Jennings e.v.a.

‘Remember the Alamo’ is een song geschreven door de Texaanse singer-songwriter Jane Bowers. In de tekst worden de namen genoemd van alle Texaanse helden en ook deze van Santa Anna.
Hey up Santa Anna, their killing your soldiers below
So the rest of the Texas will know
And remember the Alamo
Tex Ritter bracht de song in 1955 als allereerste, het werd de b-zijde van zijn hit ‘Gunsmoke’. Een jaar later werd zijn versie gebruikt in de film ‘Down Liberty Road’. The Kingston Trio nam een versie op met lichtjes afwijkende tekst, waarna Johnny Cash weer naar de versie van Tex Ritter overstapte. Maar de versie van de Schotse singer-songwriter Donovan is in Europa wel de meest bekende geworden, alhoewel de single die ervan werd uitgebracht maar enkele dagen in verkoop bleef, zodat het zijn LP ‘What’s Bin Did and What’s Bin Hid’ was die voor het succes van deze song zorgde.

maandag 9 juli 2012

ERNEST BORGNINE GEEFT HET OP OP ZIJN 95STE

Toen Ernest Borgnine in 1955 gestalte gaf aan Marty Piletti in de film ‘Marty’ kreeg hij hiervoor een Oscar, wat zijn carrière de boost gaf die hij nodig had. Was Marty een Lucky shot? Ja en nee, want hierin kon Borgnine bewijzen dat hij een dramatische rol aankon als geen ander en was hij helemaal weg van de bullebakken die hij tot dan toe speelde.
In 1953 stond hij al in de beste oorlogsfilm aller tijden ‘From Here to Eternity’ als Sergeant Fatso Judson, een bullebak en juist diegene die Frank Sinatra een pak slaag geeft. In 1954 stond hij in ‘Johnny Guitar’ naast Joan Crawford en speelde weer een onbehouwen bullebak, wat een beetje zijn trademark was geworden. Ik herinner me deze film alsof het gisteren was, hij speelde in zaal Capitole aan de Antwerpse De Keyserlei en mijn ouders namen me mee naar de film op de dag net voor mijn zestien jaar en ik mocht niet binnen, want de film was 16 plus.
In hetzelfde jaar als ‘Marty’ speelde hij ook naast de eenarmige Spencer Tracy in ‘Bad Day at Black Rock’ en is hij eveneens een bullebak die samen met enkele anderen Tracy het leven zuur maakt. In 1956 maakt hij ‘Jubal’ naast Glen Ford en Rod Steiger – die op het theater de rol van Marty Piletti speelde - waarvoor hij helemaal niet moet onderdoen. Deze film is het verhaal van de schaapherder en de farmers die het niet met elkaar kunnen vinden.
Volgt een periode die nauwelijks een rimpel maakt in de filmwereld, zoals er diverse periodes in Ernest Borgnine’s carrière waren. Het vermelden waard zijn de jaren zestig, waarin hij ‘The Flight of the Phoenix’ (1965) maakt naast James Stewart, Richard Attenborough, Peter Finch en Hardy Krüger, in ‘The Dirty Dozen’ (1967) wordt opgenomen in de sterrenparade, en mag meespelen in het hoogtepunt ‘The Wild Bunch’ (1969) van Sam Peckinpah, die met deze brutale kijk op het verdwijnen van het Wilde Westen de toen alleenheerser Sergio Leone, meteen knockout slaat. Peckinpah zal Borgnine opnieuw een glansol aanbieden in zijn ‘Convoy’ (1978) waarin hij Sheriff Lyle ‘Cottonmouth’ Wallace gestalte geeft, de sheriff die er de oorzaak van is dat zich achter Kris Kristofferson een hele schare truckers verzamelt die het getreiter van de corrupte Lyle moe zijn. Ik zag de film enkele dagen geleden terug en hij blijft zo fris als toen en als je de politieke schertsfiguren om je heen ziet, weet je dat Peckinpah hen meer dan 30 jaar geleden al tekende zoals geen cartoonist dat kan.
In 1981 kon Borgnine nog eens glanzen in ‘Escape from New York’ waarin hij de druk pratende Cabbie is naast Kurt Russell en Lee van Cleef.
Ging er een groot acteur heen? Niet echt, maar wel een die af en toe wat geluk had en het juiste lelijke smoeltje.


zondag 8 juli 2012

ERGERNISSEN EN ANDERE VASTSTELLINGEN VAN VANDAAG

* Ik heb wat langer geslapen, zodat ik omstreeks negen uur naar de Spar kon, om verse broodjes, pistolets en brood te halen. Ik was als vierde binnen en kwam als zevende aan de kassa. Daar kwam ik tot de vaststelling dat mijn zes voorgangers van de eerste tot de laatste carapils, maes pils, een klein flacon whiskey en twee flesjes van de betere soort bier, over de rol lieten lopen. Tja, het zijn slechte tijden, maar er zijn nog genoeg lieden die geld hebben voor een glazen boterham.

* Nu en dan even naar Canvas gekeken naar het Wimbledon tennis. Ik kijk haast nooit naar het tennis op Canvas, dat omwille van de '.......' commentaar die je uit Sabine Appelmans' mond moet horen. Maar Canvas ligt net naast Eén en de Tour de France, dus dan maar even water bij de wijn gedaan. Gelukkig was er de regen, zodat ik de rest van de match verder op BBC 1 kon volgen. Hoewel...

* Iedere keer wanneer ik de verbeten, rancuneuze smoel van moeder Murray zie, vraag ik me af of ik nog wel naar het tennis wil blijven kijken wanneer Andy speelt.